TYPE 7 STOS
Doelgroep
Onze doelgroep richt zich tot kleuters en lagere schoolkinderen met een taalontwikkelingsdysfasie waardoor zij recht hebben op ondersteuning binnen type 7.
Lessen en aanpak
Onze klassen worden samengesteld op basis van taalniveau. Afhankelijk van de noden van elke leerling wordt een leer-, leef- of doe-traject gevolgd. Voor alle leerlingen komen alle pijlers aan bod, maar de verhouding verschilt naargelang hun noden.
Leer: Ik leer nieuwe informatie.
Leef: Ik leer omgaan met mezelf en met anderen.
Doe: Ik leer taken uitvoeren.
- Hierdoor kunnen we naast de schoolse vaardigheden ook functionele, maatschappelijke en sociale vaardigheden stimuleren.
- Door in niveaugroepen te werken voor wiskunde, lezen en spelling kan er extra gedifferentieerd worden.
- Vanuit een ervaringsgerichte aanpak werkt de klasleerkracht samen met de klaslogopediste ‘het gesprek’ uit. Dit vormt de basis voor de klasthema’s waar stimulatie van taal en communicatie centraal staat.
- Er wordt veel aandacht besteed aan de sociaal-emotionele ontwikkeling van onze leerlingen. Het emotioneel welbevinden van onze leerlingen staat hierbij centraal. De ontwikkeling van een positief zelfbeeld wordt nagestreefd door in te zetten op succeservaringen en door het stimuleren van talenten.
- Hun leer- en werkhouding wordt gestimuleerd. Het werktempo wordt aangepast en er is minder werkdruk (door bv. huiswerk op maat te geven). Verder is het belangrijk om voldoende herhaling in te bouwen zodat automatisering tot stand komt.
- Onze leerlingen worden gestimuleerd om zelfredzaam te worden.
- Per leerling wordt bekeken welke therapeutische ondersteuning (logopedie, ergotherapie en kinesitherapie) individueel of in groep nodig is om taal, psychomotorische ontwikkeling en sociale vaardigheden zo optimaal mogelijk te stimuleren.
- Volgens een handelingsplanmatige aanpak worden er 2 keer per schooljaar prioritaire doelen geselecteerd en geëvalueerd door het volledige basisteam. Samen met de ouders en pedagoog bekijken we op regelmatige basis waar de noden voor elke leerling liggen en passen we indien nodig ons aanbod aan.
En daarna?
Sommige leerlingen stappen over naar regulier kleuter-, lager of secundair onderwijs. Sommige leerlingen hebben nood aan een verder traject binnen het buitengewoon onderwijs. Het proces rond oriëntering verloopt in samenspraak met de ouders en het CLB.
Jaarlijks stroomt een grote groep leerlingen - op de leeftijd van 12 of 13 jaar, vaak na een extra voorbereidingsjaar, door naar het reguliere secundair onderwijs B-stroom (arbeidsfinaliteit). Een beperkt aantal leerlingen behaalt een getuigschrift basisonderwijs en stroomt door naar de A-stroom (doorstroom of dubbele finaliteit).
Sommige leerlingen hebben ook op langere termijn ondersteuning nodig binnen het buitengewoon onderwijs, hetzij binnen type 7, hetzij binnen een ander type. Er wordt binnen BUSO bekeken welke opleidingsvorm (OV 1, OV 2, OV 3 of OV 4) het meest aansluit bij de noden van elke leerling.
Handige documenten